De politieke discussie over de stijging van het aantal woninginbraken in Zoetermeer is nog niet voorbij. De PVV-fractie neemt geen genoegen met de eerdere reactie van het college op vragen over de toename van woninginbraken en heeft aanvullende schriftelijke vragen ingediend. De partij spreekt van een ‘beperkte beantwoording’ en wil dat het college nog vóór het zomerreces met een uitgebreide raadsinformatiebrief komt.
Eerder werd al duidelijk dat het aantal woninginbraken in Zoetermeer is gestegen, waarbij Rokkeveen het zwaarst getroffen is. Het college gaf bij de eerste beantwoording aan dat zowel de gemeente als de politie geen specifieke gegevens hebben over dadergroepen, braakmethoden of de exacte oorzaak van de dalende pakkans. De PVV vindt die uitleg onvoldoende.
PVV wil meer inzicht in oorzaken en aanpak
De raadsleden willen meer duidelijkheid over de analyses die zijn uitgevoerd. Zij vragen of de politie alsnog gegevens kan aanleveren over patronen zoals mobiel banditisme, exacte tijdstippen van inbraken en de inzet van recherchecapaciteit. Ook wil de fractie weten of de beschikbare politiecapaciteit voldoende is om woninginbraken effectief aan te pakken.
Vragen over hotspots en nieuw actieplan
Daarnaast vraagt de partij om duidelijkheid over de criteria voor het aanwijzen van risicogebieden. De PVV wil weten waarom wijken als Rokkeveen, Palenstein en Seghwaert niet als officiële hotspotgebieden worden aangemerkt en of tijdelijk cameratoezicht op basis van de Gemeentewet is overwogen.
Verder vraagt de fractie het college om vóór 1 oktober 2026 een concreet en meetbaar Actieplan Woninginbraken 2026-2027 aan de gemeenteraad voor te leggen. Volgens de partij moet dit plan duidelijke doelstellingen, meetbare resultaten en een financiële onderbouwing bevatten.
