Mogelijk miljoenendebacle rondom afvalinzameling: VNG zet beleid toch door

Mogelijk miljoenendebacle rondom afvalinzameling: VNG zet beleid toch door

De gemeente Zoetermeer maakt zich ernstige zorgen over het nieuwe landelijke beleid voor de inzameling van PMD-afval (plastic, metaal en drankkartons), dat is aangenomen tijdens het VNG Jaarcongres op 17 en 18 juni in Eindhoven. Het congres, dat in het teken stond van de 100ste jubileumeditie, werd geopend door Koning Willem-Alexander.

Het voorstel, onderdeel van een nieuwe overeenkomst tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en afvalverwerker Verpact, verplicht gemeenten tot bovengrondse inzameling van PMD-afval. En dat is juist wat voor Zoetermeer funest uitpakt: grote delen van de stad zijn containerloos ingericht en maken gebruik van ondergrondse inzamelsystemen.

“Zoetermeer heeft jarenlang geïnvesteerd in een systeem dat werkt. Dit voelt als een stap terug,” aldus wethouder Wim Blansjaar in een interview met ZFM.

De gemeente wijst erop dat het huidige systeem, met ondergrondse containers, bijdraagt aan lage restafvalvolumes en hoge scheidingspercentages. Dat levert de stad niet alleen milieuwinst op, maar ook financieel voordeel, aangezien goed gescheiden afval een vergoeding oplevert. Restafval daarentegen kost geld door de noodzakelijke nascheiding en verwerking.

Het nieuwe contract

De VNG besloot het oude contract met Verpact op te zeggen vanwege toenemende afkeurpercentages (van slecht gescheiden afval) en een gebrek aan transparantie in de financiële compensatie. Toch heeft Verpact – als enige speler op de markt – aangegeven geen contracten te willen sluiten met individuele gemeenten, waarmee zij de VNG en dus alle gemeenten tot een collectieve overeenkomst dwingt.

Er is ook goed nieuws:

De nieuwe overeenkomst bevat ook positieve elementen:

  • Ongesorteerd PMD-afval wordt niet langer standaard verbrand;

  • Gemeenten die goed scheiden, zoals Zoetermeer, ontvangen in de toekomst een hogere vergoeding (bedragen zijn nog niet bekend);

  • Er is een duidelijke Europese doelstelling: in 2030 moet minstens 70% van al het verpakkingsafval herbruikbaar zijn.

Toch betekent de verplichting tot bovengrondse inzameling voor Zoetermeer mogelijk een miljoeneninvestering. Nieuwe bovengrondse bakken, aangepaste ophaalroutes en andere logistiek zijn dan nodig – kosten die niet voorzien waren.

Kleine maar heftige Politieke verdeeldheid

Wethouder Blansjaar stemde namens Zoetermeer tegen het voorstel. Hij was echter in de minderheid:
94,46% van de gemeenten stemde vóór. Bij een totaal van 342 gemeenten betekent dit dat slechts 19 gemeenten, waaronder Zoetermeer, tegen het voorstel stemden.

Na het zomerreces staat het dossier opnieuw op de lokale politieke agenda. Blansjaar zal dan zijn plan van aanpak voorleggen aan de gemeenteraad, inclusief scenario’s voor een mogelijke transitie naar bovengrondse inzameling. Daarbij zal ook het advies van het burgerberaad worden meegewogen.

Waarom stemde andere gemeenten tegen?

De andere gemeenten stemden tegen omdat ze vinden dat:

  • Het beleid niet past bij hun lokale situatie;

  • Het leidt tot onnodige kosten en herinrichting;

  • De vergoedingen en voorwaarden onduidelijk zijn;

  • En omdat ze zich gedwongen voelen tot een landelijke oplossing waarin geen ruimte is voor maatwerk.

Naast Zoetermeer stemde ook UtrechtAssen, Maastricht en Zwolle tegen.

 

Door: Yoran Kipping

Bron: VNG uitslagen, interview Wethouder Blansjaar en beantwoording vragen persuurtje Gemeente Zoetermeer.

Foto: Screenshot VNG website