Supersnel internet: grote verschillen tussen Lansingerland en Zoetermeer

Supersnel internet: grote verschillen tussen Lansingerland en Zoetermeer

Snel streamen, soepel thuiswerken of online gamen zonder haperingen: het kan allemaal met glasvezel. Toch blijkt uit nieuw onderzoek van Independer dat Zuid-Hollanders nog behoorlijk terughoudend zijn met het activeren van zo’n supersnelle internetverbinding. De verschillen zijn groot: waar Lansingerland de provinciale top bestormt, blijft Zoetermeer achter in de middenmoot.

In heel Zuid-Holland heeft momenteel slechts 32 procent van de huishoudens een actieve glasvezelverbinding. Daarmee scoort de provincie een stuk lager dan het landelijk gemiddelde (38 procent). In veel gevallen ligt die bekende oranje kabel wel al in de meterkast of bij de voordeur, maar kiezen inwoners er simpelweg nog niet voor om hun abonnement ook daadwerkelijk om te zetten.

Lansingerland provinciale topper

Langsingerland beklimt de top in onze provincie. Maar liefst 57 procent van de inwoners heeft daar de stap naar glasvezel al gezet en de verbinding daadwerkelijk geactiveerd. De gemeente laat hiermee niet alleen het provinciale gemiddelde (32 procent) ver achter zich, maar scoort ook ruim boven het landelijke gemiddelde. Lansingerland behoort hiermee tot de top van glasvezelgemeenten in Zuid-Holland.

In Zoetermeer is de situatie anders. Daar heeft momenteel 30 procent van de huishoudens de glasvezelaansluiting geactiveerd. Hoewel de stad hiermee nagenoeg precies op het provinciale gemiddelde zit, is er nog een wereld te winnen. De kabels liggen in de meeste wijken klaar, maar de volle potentie van het netwerk wordt door de Zoetermeerders nog niet benut.

Waarom niet overstappen?

Volgens telecomexpert Joris Kerkhof van Independer heeft de terughoudendheid in onze regio vaak te maken met de opzet van de woonwijken. In modernere, ruim opgezette gebieden is het netwerk simpelweg makkelijker en sneller uit te rollen dan in compactere steden. Daarnaast zijn veel huishoudens nog tevreden met hun huidige kabel- of DSL-verbinding en zien zij de noodzaak van een overstap (nog) niet in, hoewel het dataverbruik door het vele thuiswerken sinds de coronaperiode fors is gestegen.